Datum: Woensdag 14 januari 2026 Locatie: Raadhuisplein 21a Heeswijk-
Dinther Tijd: 20.00 uur
Blaken en branden is het sieraad van de oorlog”. De lijfspreuk van de Gelderse krijgsheer Maarten van
Rossem (ca. 1490-1555) werd door hem en zijn soldaten omgezet in meedogenloze daden. Bij het
Brabantse platteland denken we vandaag de dag vooral aan idylle, gemeenschapszin en fraaie
landschappen. Hoe anders was dat in de zestiende eeuw! Brabant vormde toen regelmatig het toneel
van guerrilla overvallen door Gelderse krijgsbenden. Kerkklokken, boden en rookkolommen aan de
horizon waarschuwden dorpsbewoners dat de ‘gelderaers’ in aantocht waren. Van Rossum stond in de
zestiende eeuw bekend als de ‘gesel van de boeren’. Landsheer Karel V (1500-1558) koesterde de
ambitie om alle Nederlandse provincies aan zijn gezag te onderwerpen. Dat betekende dat hij ook het
hertogdom Gelre bij zijn gebieden wilde voegen; een ambitie waar de Gelderse hertogen zich uiteraard
fel tegen verzetten. De gewone man kreeg de rekening gepresenteerd van het conflict dat tot 1543
steeds hoger opliep.
In 1543 werd een poging ondernomen door Maarten van Rossem om ‘s- Hertogenbosch in te nemen.
Toen dat niet lukte werd Vught in de as gelegd. Wie was Maarten van Rossem en wat dreef hem? Hoe
trof zijn harde hand het Brabantse platteland en Vught in het bijzonder? Kunnen we in kaart brengen
welke inwoners van Vught specifiek werden getroffen? Deze en andere vragen worden tijdens de
lezing aan de orde gesteld.
Leden van de Heemkundekring kunnen gratis deelnemen. Voor niet-leden bedraagt
de toegang €3,00.
Graag tot ziens in de Heemkamer.



